Adds docs/patterns/debug-id.md documenting the named-component boundary rule (6 punten), helper-voorbeeld, skip-criteria en motivatie voor handmatige pad-argumenten. Voegt verwijzing toe aan CLAUDE.md patterns-tabel. Co-Authored-By: Claude Sonnet 4.6 <noreply@anthropic.com>
2.3 KiB
2.3 KiB
| title | status | audience | language | last_updated | when_to_read | ||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Debug-id op component-root | active |
|
nl | 2026-05-09 | Wanneer je een named-component aanmaakt of aanpast. |
Patroon: Debug-id op component-root
Regel: named-component boundary
Elk named-component plaatst data-debug-id en data-debug-label via de
debugProps-helper op zijn root JSX-element. Zes concrete regels:
- Import
debugPropsuit@/lib/debug— geen inline attribuut schrijven. - Spread het resultaat op het root element:
{...debugProps(id, component, file)}. idis kebab-case van de componentnaam, bijv.sprint-board.componentis de PascalCase naam zoals die geëxporteerd wordt, bijv.SprintBoard.fileis het relatieve pad vanaf de repo-root, bijv.components/sprint/sprint-board.tsx.- Root = het buitenste JSX-element dat de component rendert — niet een wrapper div die je extra toevoegt.
In productie (NODE_ENV=production) retourneert debugProps een leeg object {}
zodat er geen debug-attributen in de gebundelde HTML staan.
Helper-voorbeeld
import { debugProps } from '@/lib/debug'
export function SprintBoard({ ... }: SprintBoardProps) {
return (
<div
className="..."
{...debugProps('sprint-board', 'SprintBoard', 'components/sprint/sprint-board.tsx')}
>
{/* inhoud */}
</div>
)
}
Skip-criteria
Voeg geen debugProps toe aan:
| Categorie | Reden |
|---|---|
components/ui/* |
shadcn-primitives — ongebrand, niet onze componenten |
| Bridges / mounts | Niet-renderende wrappers zoals notifications-bridge, realtime-bridge, sync-active-sprint-cookie |
| Hooks-only files | Files die alleen hooks exporteren en niets renderen |
Motivatie: geen build-time injectie van pad
Een alternatief is het bestandspad automatisch injecteren via een Babel/SWC-plugin of een ESLint-codefixin. Dit is bewust niet gekozen omdat:
- de plugin afhankelijk wordt van de build-toolchain-configuratie (Next.js, Turbopack),
- bij rename/move van een bestand de injectie verouderd raakt zonder dat de compiler waarschuwt,
- expliciete argumenten in de broncode reviewbaar en grep-baar zijn.
Het handmatig meegeven van id, component en file maakt de intentie zichtbaar
en voorkomt verborgen afhankelijkheden.