Bevestigt het huidige datamodel (Product.repo_url is single) en kiest "duplicate-PBI per product" voor cross-repo werk; markeert een Initiative-laag (boven PBI) als toekomstige uitbreiding zodra de duplicatie-pijn te groot wordt. Co-Authored-By: Claude Opus 4.7 (1M context) <noreply@anthropic.com>
5.4 KiB
| status | date | decision-makers | consulted | informed |
|---|---|---|---|---|
| accepted | 2026-05-03 | Janpeter Visser | Claude (planning agent) | alle Scrum4Me-gebruikers die met meerdere repos werken |
ADR-0010: Eén product = één repo; cross-product planning vereist (later) een Initiative-laag
Context and Problem Statement
Een feature kan meerdere repositories raken — bv. de "agent merge-policy"-feature
heeft tegelijk werk nodig in Scrum4Me (schema, server actions, UI) én in
scrum4me-mcp (twee nieuwe MCP-tools). Het Scrum4Me-datamodel kent op dit
moment één repo_url per Product, en stories hangen aan één PBI dat aan één
product hangt. Hoe modelleren we werk dat structureel meerdere repos raakt?
Decision Drivers
- Per-repo PR-volgorde en deploy-pipeline blijft simpel (1 PR = 1 repo).
- Auditbaarheid: de link tussen "wat is gemerged" en "in welke repo" moet triviaal te leggen zijn.
- Het datamodel moet niet de complexiteit van een feature dragen die in 80% van de gevallen toch single-repo is.
- Plannen wel kunnen overspannen: een idee kan zonder fricted tegelijk taken in twee repo's beschrijven.
Considered Options
- A. Eén product = één repo, plan-overspanning via duplicate-PBI per product. Een feature die twee repos raakt wordt als twee PBIs vastgelegd (één in elk product), met handmatige verwijzing tussen de twee in de description.
- B. Multi-repo per product (
Product.repo_urls: String[]). Eén product representeert een logisch "systeem" en heeft N repo's; PBIs en stories blijven onder dat product. - C. Initiative-laag boven PBI, product-onafhankelijk; een Initiative bundelt PBIs uit verschillende producten onder één plan.
Decision Outcome
Gekozen: optie A — voor nu, met optie C als geïdentificeerde toekomstige uitbreiding zodra cross-repo werk regelmatig genoeg voorkomt.
Rationale: optie B vermengt het datamodel rond een conceptueel troebele eenheid ("product = systeem" vs. "product = repo") en breekt de 1:1-aanname in batch-enqueue, PR-gating en CI-flow. Optie C is structureel het juiste antwoord, maar verdient een eigen feature-traject (datamodel, UI, gating-semantiek per initiative) en wordt nu niet bevroren in een ad-hoc implementatie.
Consequences
- Goed, omdat: per-repo flow simpel blijft (1 product = 1 repo = 1 PR-stack);
bestaande gating-logica (
pr_url/pr_merged_atop PBI, sequentiële PBI's) werkt zonder aanpassing. - Goed, omdat: cross-repo werk wordt expliciet zichtbaar als gespiegelde PBIs in beide producten — geen verborgen koppelingen.
- Slecht, omdat: voor cross-repo features moet een mens nu zelf twee PBIs aanmaken en de afhankelijkheidsvolgorde tussen ze (bv. "MCP eerst, Scrum4Me daarna") in de descriptions documenteren. Plan-drift tussen de twee PBIs is een reëel risico.
- Slecht, omdat: er komt geen "één klik = één feature klaar" flow voor cross-repo werk; de PB-owner moet over twee producten heen schedulen en mergen.
Confirmation
Bevestiging dat deze ADR effectief is:
- Producten in Scrum4Me hebben elk precies één
repo_url. Geen schema-wijziging dierepo_urlsintroduceert. - PBIs voor cross-repo werk verwijzen in hun description expliciet naar de spiegel-PBI in het andere product (id-link).
- Er staat een open backlog-item
Cross-product planning via Initiative-laagin product Scrum4Me als trigger om optie C te realiseren wanneer de pijn van duplicatie te groot wordt.
Pros and Cons of the Options
A. Eén product = één repo, duplicate-PBI
- Goed: minimaal datamodel-veranderingen.
- Goed: PR-flow, batch-gating, deploy-pijplijn blijven 1:1 met repo.
- Goed: per-product permissies en token-scoping blijven simpel.
- Neutraal: cross-product werk vereist twee PBIs (zichtbaar werk, niet verborgen).
- Slecht: dubbel onderhoud aan plan-tekst; risico op divergentie.
B. Multi-repo per product
- Goed: één plek voor alles wat bij een "systeem" hoort.
- Slecht: PR-gating per PBI moet plotseling N repos tegelijk modelleren.
- Slecht: deploy-volgorde (eerst MCP, dan Scrum4Me) zit niet in het datamodel → ad-hoc encoded in description of CI.
- Slecht: vervaagt wat een "product" is — repo-technisch of business-technisch.
C. Initiative-laag boven PBI
- Goed: structureel correct — werk dat de scope van één product overstijgt krijgt zijn eigen niveau.
- Goed: per-product gating en flow blijven simpel; alleen de Initiative orkestreert.
- Slecht: feature op zich (UI, datamodel, gating-semantiek per initiative, velocity-rapportage) — significante investering vóór de eerste praktische payoff.
- Slecht: introduceert een vierde hiërarchielaag (Initiative → PBI → Story → Task), met UI-druk om die zichtbaar te maken.
More Information
- Verwante PBIs:
- Scrum4Me product, PBI
Agent merge-policy: geen auto-merge, sequentieel per PBI(idcmoppwpwu000evt17ev2c4oo4) — gebruikt deze ADR als grondvest voor de gating per single-repo PR. - scrum4me-mcp product, PBI
MCP: set_pbi_pr & mark_pbi_pr_merged voor sequentiële PBI-gating(idcmoprewcf000qvt17pf42t0ig) — concrete spiegel-PBI van bovenstaande, in het MCP-repo.
- Scrum4Me product, PBI
- Wanneer optie C overwegen: zodra er tegelijk drie of meer "spiegel-PBIs" open staan op verschillende producten, of wanneer de afhankelijkheidsvolgorde tussen ze leidt tot meer dan één gemiste merge per maand.
- Re-visit: in de retro na de eerste vier cross-repo features.